PVV-Europarlementariër Zijlstra eist volledig overzicht van evaluaties EU-agentschappen. Hij wil weten welke zijn beoordeeld, wanneer en met welk resultaat.
Europarlementariër Auke Zijlstra (PVV) heeft de Europese Commissie om opheldering gevraagd over de manier waarop EU-agentschappen worden geëvalueerd. In een schriftelijke vraag dringt hij aan op een overzicht van welke agentschappen officieel zijn beoordeeld, wat de resultaten waren en volgens welk schema en criteria dit gebeurt.**
Aanleiding voor de vragen is een eerder antwoord van Eurocommissaris Valdis Dombrovskis op een eerdere vraag van Zijlstra. Daarin verwees de commissaris naar de zogenaamde “Common Approach”, die voorschrijft dat de Commissie de EU-agentschappen normaal gesproken elke vijf jaar moet evalueren. Deze evaluaties moeten kijken naar effectiviteit, efficiëntie, samenhang, relevantie en de meerwaarde van de agentschappen voor de EU. Op basis daarvan kan worden besloten tot aanpassingen van het mandaat of het bestuur.
Zijlstra signaleert echter een gebrek aan consistentie. In zijn nieuwe vraag stelt hij dat online beschikbare evaluaties van agentschappen niet altijd binnen die vijfjaartermijn zijn uitgevoerd en ook niet altijd door de Commissie zelf zijn gedaan. Daarnaast wijst hij op de controlerende rollen van de Europese Rekenkamer, die rapporten publiceert, en de parlementaire commissie begrotingscontrole, die jaarlijks beslist over de kwijting van de begroting.
Tegen deze achtergrond legt Zijlstra twee concrete vragen voor aan de Commissie. Ten eerste vraagt hij om een volledig overzicht van welke EU-agentschappen officieel en structureel door haar zijn geëvalueerd, in welk jaar dit gebeurde en wat de uitkomsten van die evaluaties waren. Ten tweede wil hij weten volgens welk schema en welke specifieke criteria de agentschappen worden beoordeeld.